Bespreking en bewerking

Gisteren een bespreking van hoofdstuk vijf gehad. Dat is het hoofdstuk over de manieren waarop in de preek de bevinding aan de Bijbeltekst verbonden wordt. Het was een pittige bespreking. De kern van het hoofdstuk is prima en moet zo blijven. Maar de randen zijn (nog) niet in orde.

Het inleidende deel bevat bijvoorbeeld veel te veel tekst. Dat moet niet alleen korter, maar ook anders. Er moet veel meer vanuit het onderzoeksmateriaal geschreven worden en minder vanuit de homiletische theorie. Met andere woorden: de aanvliegroute moet veel korter en moet beschreven worden vanuit het landschap waarboven gevlogen wordt.

In het inleidende deel zat ook een beschrijving van de retorische eigenschappen, de vorm en de structuur van de preken, een soort ‘oppervlakte-schets’. Die moet bewerkt en in een ander hoofdstuk geplaatst. Hij valt hier teveel uit de toon.

Al met al, er moet wel weer gewerkt worden. Gelukkig niet omdat het niet goed gaat, maar omdat het anders beter kan.

Ik moet zelf, misschien mede doordat ik in de afgelopen weken behoorlijk ziek geweest ben, wel steeds meer knokken om verder te gaan. Ik begin het onderzoek bij tijden behoorlijk zat te worden. Maar beide begeleiders benadrukten dat iedere onderzoeker daar op zo’n moment last van heeft, en dat het ‘zonde’ zou zijn als ik het niet afmaakte. Zij zien het dus helemaal zitten.

Nu ik nog 🙂